COLUMN: From Zero To Hero en weer terug…

“We zijn zo goed als onze laatste wedstrijd” en “het wordt tijd dat je stopt, want je kunt er niks meer van” zijn van die gevleugelde uitspraken die in onze vocabulaire zitten opgesloten. Nederlanders en sport is een combinatie die vol zit met clichés, momentopnamen en vooral met de waan van de dag. Men ziet het als een opportuun wereldje, nuchter als men is…

Half jaren negentig werden we allemaal “gepakt” door die postbode uit Den Haag. Natuurlijk was hij al even bezig met zijn sport, maar de successen kwamen pas écht aan het licht toen zijn kunsten ook op televisie werden vertoond door de BBC. Aangezien Den Haag de eerste was met kabeltelevisie met Engelse zenders kwamen vooral daar de darters vandaan die menig succes wisten te behalen. Simpelweg omdat zij een voorsprong hadden op de rest van het land, dat de sport niet of nauwelijks kende…

Voor het eerst liet ik Studio Sport lopen. Er was iets aan de gang in Frimley Green dat bleef boeien. Voor mij was darts op dat moment gewoon een kijksport en nooit eerder had ik ook maar enigszins het idee dat ik ooit voor zo’n bord zou komen te staan. Na die finale veranderde alles. Het was een kijkcijferkanon van de eerste orde gebleken. De eenvoud van het spel, de relatief lage kosten om dit te kunnen doen en de laagdrempeligheid zorgden er mede voor dat een land aan het darten was geslagen, mezelf incluis. En dus kwamen er allerlei toernooien uit de grond…

De Bavaria Darts Trophy en de International Darts League waren voortvloeisels uit de populariteit van de sport in Nederland, die zomaar uit de grond werden gestampt. Volle zalen met luidruchtig publiek en dat in tegenstelling tot dat men gewend was. Voor de BDO waren dat toernooien die toonaangevend werden. De concurrentie met de PDC was er op dat moment niet of nauwelijks, omdat de BDO gewoon de grootste was. Nederland kreeg er een flink stel beoefenaars bij en dus een impuls. Daardoor schoot het niveau van de gemiddelde speler dan ook flink omhoog…

In 2006 na de verloren WK-finale maakte diezelfde postbode de overstap naar de PDC, met in zijn kielzog enkele andere grotere spelers vanuit de BDO. De PDC kreeg hierdoor het gezicht en meer status. Door lucratieve televisiecontracten en door het opzetten van meerdere toernooien voor die zendgemachtigde maakte men een groeispurt. Alle “grote” en “gearriveerde” spelers speelden vanaf dat moment vooral voor de centen en eigen glorie. Het zou zijn uitwerking niet missen…

Meer dan twintig jaar lang aan de top staan is maar voor weinigen weggelegd en een beetje meer respect zou meer dan op zijn plaats zijn. Wat men ook van iemand vindt; dit zijn wél de feiten. Zo langzamerhand nemen we afscheid van een generatie spelers, die hun sporen meer dan hebben verdiend. Zij hebben pionierswerk verricht, waarvan de huidige generatie nu nog van profiteert.

In Nederland is die waardering vaak ver te zoeken (lees de eerste regel maar) en in Engeland des te meer. Misschien kunnen we nog iets van die “dwarsliggers” leren. Zij die niet bij Europa willen horen en aan de verkeerde kant van de weg rijden. Maar sportcultuur is hen niet vreemd. Men herinnert de sporter altijd om wat hij heeft gepresteerd en niet aan zijn mindere momenten. “Five Times Champion Of The World” neemt niemand je af, zelfs jouw azijnzeikende landgenoten niet. Daarom: Respect voor de oude krijger om zijn prestaties en om wat hij heeft betekend voor velen. Want iemand met zoveel volgelingen verdient meer dan dat!

Op 8 februari 2020 krijgt “The Man” het afscheid dat hij verdient. Een feestelijke “laatste eer” kan men dan aan hem bewijzen. Op deze avond kan heel dartsminnend Nederland laten zien wat hij voor ons allen heeft betekend. Ruim vijfentwintig jaar na zijn eerste WK-finale. En dat zegt alles. Oh ja: Vergeet jouw portemonnee niet, want de exploitant van dit circus heeft kennelijk nog geen buffertje opgebouwd, gezien de toegangsprijzen. En zeg niet dat ik u niet gewaarschuwd heb

Tekst: André v/d Voort